De onzichtbare vijand

“We zijn in oorlog. Met een onzichtbare vijand.” zei de Franse president Macron een week geleden tijdens z’n toespraak tot het Franse volk. Laat ik ‘toevallig’ vorig weekend nog op de ski’s hebben gestaan op de Franse skipistes. Het was héél surrealistisch. Door de mensen bij de lift, skiverhuur of in het restaurant werd ik glazig aangekeken als ik ‘het woord’ noemde. Je zag ze denken ‘we staan hier toch lekker met z’n allen in de sneeuw met zon op onze gezichten’… Van ontkenning – in ieder geval bij mij op dat moment – tot acceptatie kan snel gaan binnen een week.

Zoals ze wel eens zeggen dat ons land 17 miljoen bondscoaches heeft, die het allemaal beter weten (da’s nu na uitstel van het EK voetbal trouwens even niet nodig), lijken we nu 17 miljoen virologen te hebben, die het ook allemaal beter weten. Hoe dit gaat aflopen, ga ik niet voorspellen. Ik ben immers zeker géén viroloog, maar gewoon één van die 17 miljoen mensen, waarmee we het samen moeten doen. Dat laatste lijkt wel een behoorlijk ‘sociaal experiment’.

Zo probeert men overal controle te houden over het hamsteren. Bij onze lokale supermarkt staan inderdaad nog géén rijen en houdt iedereen zoveel mogelijk afstand. Het schap met pleepapier is overigens ook hier helemaal leeg, maar premier Rutte betoogde laatst gelukkig nog “dat we allemaal nog zeker tien jaar kunnen poepen”. Poeh, da’s een pak van m’n hart. Daarvoor zal je overigens over voldoende eten moeten kunnen beschikken. Dat lijkt mij belangrijker dan je kont met papier kunnen afvegen. Wat is er mis met een ouderwets nat washandje? Ik vond persoonlijk Rutte’s toespraak overigens duidelijk en eerlijk. Hij pretendeerde niet de waarheid in pacht te hebben. Hij laat ons hard nadenken over de betekenis van ‘groepsimmuniteit’; er is ondertussen flinke twijfel ontstaan over de haalbaarheid ervan. Het is overigens nu al mijn tip voor het woord van het jaar. Zelf was ik iets minder onder de indruk van de speech van onze koning, maar ik geloof dat deze juist wél bij oudere mensen aansloeg. Zij kunnen het wellicht ook beter in historisch perspectief beoordelen.

Nu de zon schijnt, wordt het ondertussen steeds moeilijker om iedereen ‘thuis’ te houden. Kreeg gister een noodmelding binnen op mijn telefoon met instructie van de Rijksoverheid: “houd 1,5 meter afstand!” Zag een bericht van Vereniging Natuurmonumenten, die mensen oproept om vooral niet naar de Natuurgebieden te gaan. Deze worden overspoeld met duizenden bezoekers. Hoorde overigens wel dat zonneschijn een cruciaal element kan zijn in bestrijding van onze onzichtbare vijand, die niet hittebestendig schijnt te zijn en doodgaat bij een temperatuur van 26 tot 27 graden. Heb dus toch met gepaste afstand tot een paar fietsmaten een klein rondje gefietst. En ik drink dus veel hete dranken. Zou een ‘heiße Choco mit Rum’ in deze tijd dan toch goed zijn? Een kopje thee is natuurlijk ook lekker.

Winston Churchill zei het destijds al “never waste a good crisis”. In deze uitdagende tijden moet je je afvragen waarom dit ons overkomt. De antwoorden daarop kunnen wel eens liggen buiten onze comfortzone. Ik spreek voor mijzelf als ik zeg dat er een beetje moed nodig is om van de gebaande paden af te wijken. De laatste dagen heb ik wel gemerkt dat het heel goed mogelijk is om op afstand met elkaar zakelijke besprekingen te voeren. Tot voor kort had ik nog nooit gehoord van Microsoft Teams, Zoom.us en dergelijke, maar nu zie ik hoe eenvoudig dat is. Met Jitsi Meet kon zelfs m’n wekelijkse Essentrics lesje (denk aan een work-out met beetje rekken en strekken) doorgaan alsof we bij elkaar stonden. De zakelijke reiziger zal in de toekomst écht wel gaan nadenken over het nut van een verplaatsing (per auto of vliegtuig) ten opzichte van relaxt en bovenal efficiënt achter z’n bureau aan een meeting deel te nemen. Ik schreef al eerder over mijn bedenkingen bij onze ‘nationale’ luchtvaartmaatschappij, maar daarvoor is de toekomst niet rooskleurig. Ongetwijfeld wordt de KLM met staatssteun overeind geholpen.

Ook voor business waar ik zelf direct bij betrokken ben – een kleine restaurantketen met tien zaken – heeft dit alles enorme impact netals voor alle andere bedrijven en horeca in het bijzonder. De deuren moesten afgelopen zondag simpelweg om 18.00 uur dicht. Een paar vroege gasten (dagelijks gaan de Spaghetteria’s om 17 uur open) moesten hun heerlijke pasta rap naar binnen schuiven. Ondertussen is het mogelijk om de arrabbiata en tiramisu thuis te laten bezorgen via UberEats, maar dat is een druppel op de gloeiende plaat. Voorlopig is het even ‘overleven’… En beleggers, zoals ook ik, blijven natuurlijk niet gespaard. De beurzen lijken op dit moment wel een ‘thuiscasino’ met grote uitslagen op en neer (vooral het laatste). Ik blijf me vasthouden aan Warren Buffett’s woorden: “be fearful when others are greedy and greedy when others are fearful”… En ik beloof bij deze dat ik ‘m hier niet meer zal herhalen.

Angst is er op dit moment bij (bijna) iedereen. Dagelijks nu meer dan 40 doden. Wist u dat in Nederland op een normale doorsnee dag gemiddeld zo’n 420 mensen overlijden? Het is altijd goed om cijfers in perspectief te blijven zien. Zo is er ook in deze tijd veel nepnieuws, vooral online en via sociale media. Zou er ook een manier zijn om je daar tegen te vaccineren?

We leren dat niet alles maakbaar is. Epidemieën en pandemieën hebben er in het verleden voor gezorgd dat samenlevingen en sociale verhoudingen veranderden. Ze hadden effect op onze relatie met de omgeving en de natuur en beïnvloedden de wijze waarop we ons werk doen. Gelukkig zorgt het juist ook voor een grote saamhorigheid. Wij met z’n allen tegen de onzichtbare vijand. En die zullen we uiteindelijk verslaan, dat durf ik wel te voorspellen.

Nog even volhouden, sterkte in deze bizarre tijden!

Storm

Misschien kwam het door de titel van m’n laatste blog “#moe”? Of zijn het de erbarmelijk slechte prestaties van m’n favoriete Ajax? De complete uitbraak van het coronavirus? Vroeger was mijn associatie bij dat woord trouwens nog gewoon een lekker fris biertje met een citroentje erin! In mijn hoofd was er in ieder geval de afgelopen tijd onvoldoende ruimte voor het schrijven van een blog. Ik kreeg simpelweg even niks op papier. Je mag het wat mij betreft zelfs weer een ‘schrijversblok’ noemen. Het is me een keertje eerder overkomen. Misschien komt het nu door al die stormen.

We hebben Atiyah, Brendan, Ciara, Dennis en Ellen al gehad. Er schijnt overigens een hele gedachte achter het geven van namen aan stormen te zitten. Onderzoek heeft uitgewezen dat het bewustzijn van gevaarlijk weer wordt verhoogd als je stormen een naam geeft. De opvolgers staan dan ook al klaar, te weten Francis, Gerda en Hugh. Het mag duidelijk zijn dat het KNMI voor de naamgeving samenwerkt met Britse weerdiensten. Er is zelfs al een lijst bekend voor de rest van het alfabet. Zo kunnen we ook nog Jan, Kitty en Piet verwachten. Het mag dan zo zijn dat stormen met namen de communicatie vergemakkelijken. Het klinkt ook leuker als je hoort dat Ciara of Ellen naar je toekomt, dan dat er in de krant staat “er raast een storm over Nederland”. Toch denk ik dat dit ook zorgt voor (extra) onrust. Sportwedstrijden worden afgelast, mensen moeten binnen blijven of vluchten worden gecanceld. “Komt ze we wel of komt ze niet?” Zo heb ik Ellen al helemaal niet gezien. Het is bijna als een date die niet komt opdagen voor een eerste afspraakje.

Voor de KLM zijn het sowieso lastige tijden. Ook de uitbraak van het coronavirus helpt onze ‘Nationale’ luchtvaartmaatschappij niet; de te verwachte schade bedraagt €150 – 200 miljoen. De belegging van €744 miljoen, die minister Hoekstra met ons geld ‘ongevraagd’ heeft gedaan  – jullie weten wat ik daarvan vind – in dit bedrijf, verdwijnt langzamerhand als sneeuw  (heb ik hier al lang niet meer gezien) voor de zon (heb ik hier ook al lang niet meer gezien). Het aandeel ‘koerst’ vandaag rond €7,40. Dat is toch ruim 40% lager dan de €12,51 (gemiddelde aankoopprijs) waarvoor Hoekstra precies een jaar geleden een belang van 14% in KLM kocht. Ik weet niet of u uw geld door anderen laat beleggen, maar ik doe dat liever zelf, en dan verstandig (lees: mét rendement).

Om te bezuinigen heeft de KLM deze week drastische bezuinigingen aangekondigd vanwege het coronavirus. ‘Gelukkig’ gaat men niet bezuinigen op zaken die te maken hebben met het uitvoeren van de vluchten zelf. Dus we hoeven niet bang te zijn dat er onvoldoende getankt wordt. Kerosine is overigens nog steeds een van grootste kostenposten van luchtvaartmaatschappijen, ook al betalen ze er géén accijns over. Wat gaan ze wel doen? Ik lees in de kranten dat ze minder buiten de deur gaan vergaderen. Oeps, daar zullen restaurants in Amstelveen, waar hun hoofdkantoor zit, en omgeving niet blij mee zijn. Men gaat minder consultants inhuren en er is direct een aannamestop voor nieuw personeel uitgevaardigd. Investeringen in vastgoed en IT worden uitgesteld. Als dat maar goed gaat. Juist de chaos en vertraging, die ik altijd op Schiphol ervaar, bij onder andere de bagageafhandeling (vaak uitgevoerd door derden) roept juist om verbetering. Alléén reclamecampagnes die op korte termijn extra inkomsten genereren, mogen nog doorgaan. Dit alles zal het imago van de KLM en Schiphol niet helpen. Daar kan géén vliegschaamte tegenop.

Naar China en andere Aziatische bestemmingen wordt dus niet meer gevlogen vanwege het coronavirus. Dit laatste is op het moment ongeveer het enige waarover in de kranten geschreven wordt. Hiermee lijkt de stikstof crisis even helemaal verdwenen te zijn, terwijl er juist nu door de boeren twijfel is gezaaid over de stikstofberekeningen van het RIVM, hoewel een goede onderbouwing schijnt te missen.

Ik ga hier nu even niets ‘vinden’ van het coronavirus of de stikstof crisis. Daarover wordt al voldoende geschreven. Ik kan slechts aangeven, wat het met mij doet. Dit soort zaken zorgen bij mij toch voor onrust in het hoofd vanwege de onzekerheid, niet zo zeer de angst dat we allemaal ‘vergaan’. Dat laatste gevoel bespeur ik wel een beetje bij oudere mensen, zoals mijn eigen moeder. Die beginnen dan al snel over de Spaanse griep (1918-1820) – waar ze toch zelf écht niet zijn bij geweest, maar ze hebben wel andere en ergere onzeker tijden gekend – die naar grove schattingen 20 tot 40 miljoen levens eiste.

Onzekerheid is op zichzelf al géén prettig gevoel. Althans dat geldt voor mij; ik spreek voor mijzelf. Het coronavirus zorgt hier wel voor, zeker gezien de soms draconische maatregelen die men neemt. Hele dorpen die op slot gaan, zoals nu in Italië gebeurt. Dat is best heftig, zeker als je er woont. Zelf maak ik me ondertussen lichtelijk zorgen over de mooie reisplannen (naar Japan!), die we deze zomer met het gezin hebben. Hoe vaak lukt het nog om alle pubers hetzelfde leuk te laten vinden? We gaan het zien.

En als fervent belegger zie ik dat de beurzen de onzekerheid over het coronavirus ook niet fijn vinden. Met name de bedrijven die veel van hun (goedkope) spulletjes uit China halen, maken zich zorgen over het vullen van de schappen, of beschikbaarheid van onderdeeltjes voor het maken van hun producten. Dat scheelt ook weer een hoop zinloze ‘troep’. Minder vluchten van/naar Azië scheelt natuurlijk wel in de CO2 uitstoot. Om direct maar even weer het andere heikel onderwerp van deze tijd op te rakelen. In het weekend van 12 tot 16 maart schijnt het zo ver te zijn. Alle verkeersborden langs de snelwegen worden dan definitief vervangen. Het gaat om 4.000 borden. Het is mooie business voor de makers van verkeersborden, maar hoe duurzaam is deze vervangingsoperatie zelf eigenlijk?

Begrijp dat ze het niet met stickers gaan doen, maar dat daadwerkelijk de meeste borden ‘fysiek’ vervangen gaan worden. Men zegt de oude verkeersborden te gaan hergebruiken. Waar dan? Misschien in Duitsland. Daar geldt op dit moment nog een onbeperkte algemene maximumsnelheid op de snelwegen. Je mag zo hard als wil, waar het kan. De politiek dacht even aan beperking tot 130 km/uur, maar betekende zo ongeveer een revolutie en opstand. Het voorstel is dan ook weggestemd, maar het lijkt ook in Duitsland géén heilig huisje meer. Kunnen ze tegen die tijd mooi onze oude borden (her-) gebruiken.

Er woedt letterlijk en figuurlijk een flinke storm over Nederland. Of zoals ik een Zeelandse boswachter hoorde zeggen:

“Zo nu en dan een storm is zeker niet verkeerd. Het oude hout wordt dan opgeruimd waardoor er weer ruimte in de bossen ontstaat. Hierdoor komt licht naar binnen en daarvan profiteren allerlei organismen. Door zo’n omgevallen boom kunnen er ook kuiltjes ontstaan, waar vervolgens regenwater in komt en waar kikkers hun eieren in kunnen leggen. Kortom het is allemaal nog niet zo verkeerd.”