Komkommertijd

Richting het zomerreces beleeft het nieuws niet echt zijn hoogtepunt, hoewel Trump z’n best blijft doen om de gemoederen bezig te houden. Ook in het Epstein-dossier duikt zijn naam regelmatig op. Zo vindt Trump die Epstein een ‘leuke gozer’ en er voegt er achteloos aan toe: “Men zegt zelfs dat hij net zo van mooie vrouwen houdt als ik, zij het een tikje aan de jonge kant.” Zo bezien is de term ‘Komkommertijd’, die ooit bedacht is voor (weinig) nieuws in de zomerperiode, wel toepasselijk.

Dit is ook de periode, waarin veel kinderen hun basisschooltijd afsluiten met de traditionele musical. Voor ons alweer heel wat jaren geleden. Dat kan behoorlijk wat teweeg brengen. Zo gingen recent ouders naar de rechter om af te dwingen dat hun kind – blijkbaar een draak van een ventje – toch mee mocht doen met de eindmusical. Hopelijk heeft hij een mooie rol gekregen in hun musical ‘Gewoon Super’. Ik dacht zelf voor hem aan die van ‘mystery shopper’… En z’n ouders kunnen gewoon lekker thuisblijven.

Ik weet nog goed dat ik zelf destijds – bijna 40 jaar geleden – niet zo graag mee wilde doen (lees: ‘in beeld wilde zijn’) bij dit soort zogenaamd vrolijke doch verplichte activiteiten op de basisschool. Mijn moeder moest er nog een keer aan te pas komen om mij te bewegen ergens wel aan mee te doen. Zoiets kan ik mij nog vaag herinneren. Je kunt je dan ook best afvragen of iedereen dus wel zo graag mee wil doen aan zo’n eindmusical. Zo was ik ooit bij zo’n schooluitvoering een keer de ‘verteller van het verhaal’ (tegenwoordig heet dat chique ‘voice over’), zodat ik in ieder geval niet zichtbaar was voor het publiek. Ook ben ik wel eens het (onzichtbare) achtereind van een koe geweest… Van die podiumangst van toen is nu (helaas) niet zoveel meer te merken. Ik laat me tegenwoordig graag horen en zien. Hoewel ik recent natuurlijk wel een stuk volwassener ben geworden…

In dat kader had ik deze week een bijzondere culturele ervaring. Altijd aardig zo’n jarige vriendin van ons, die iets ‘leuks’ heeft bedacht! Wij gingen met een gezellige groep naar het openluchttheater in het Amsterdamse Bos. Ik was er zelf nog nooit geweest, terwijl ik toch al héél wat jaartjes in de buurt kom. Daar was een uitvoering van de 3 Musketiers door het theatercollectief ‘De warme winkel’. Nou warm zou je het er bijna wel van krijgen. Na een wat gezapige start – ‘herkende’ mijzelf wel in de rol van één van de spelers als achtereind van een paard – sloeg het bloot ons (er waren ook pubers bij) aan alle kanten om de oren. Behoorlijk hilarisch was de rol van een groep kabouters, die continu hun blote konten lieten zien, als ‘tegenpartij’ voor de heldhaftige Musketiers. En als klap op de vuurpijl werden we ook nog verrast door stel pratende Musketieten (correct gespeld; géén typefout). Als je benieuwd bent, wat je je daarbij moet voorstellen, dan zou ik zeggen. Ga zelf deze zomer nog naar het Amsterdamse Bos. Mijn advies: zoek wel een zwoele zomeravond uit! Ook wel zo fijn voor de kabouters in het bos.

Ondertussen zie ik dat iedereen weer de wijde wereld intrekt voor een ongetwijfeld welverdiende zomervakantie. Ik merk om mij heen weinig van vliegschaamte: Amerika, Canada, Brazilië, Curaçao, noem het maar, je rijdt er niet zomaar even naartoe (laat staan met de trein). Zelf zijn we ook zeker niet heilig, maar we blijven deze zomer met onze ‘zuinige’ dieselbak (‘ahum’), wat dichter bij huis. Al is het maar om de kans op een gezamenlijke gezinsvakantie nog enigszins te vergroten. Onze dametjes hebben zo langzamerhand allemaal hun eigen schema’s. Dit is ongetwijfeld een (geheime) manier om ouders alvast te laten wennen aan het ‘lege-nest-syndroom’. Het is een term, die steeds vaker valt in onze vriendenkring.

Als prille ouder krijg je al ingepeperd dat er ooit een einde komt aan de intensieve zorg voor je kinderen: ‘Geniet er nog maar van: straks zijn ze het huis uit!’ Nu in de puberfase van onze kinderen klinkt dat soms wel als muziek in de horen, maar nu de eerste (van de drie) het huis uit zal gaan, is het toch even slikken. Aan het eind van deze zomervakantie gaan we de eerste spulletjes verhuizen voor onze oudste dochter, die daar op kamers gaat wonen (nog in onderhuur). Ze heeft de sleutel al. Gelukkig heeft zij niet voor het hoge Noorden (‘er gaat niks boven Groningen’ is niet voor niks de slogan) gekozen, maar strijkt zij neer in het nabijgelegen Utrechtse. Stap voor stap worden we voorbereid op het compleet lege nest.

Wat zelfs in deze tijd van het jaar gewoon doorgaat, zijn de burenruzies, zo blijkt. Mijn vrijwillige ‘baantje’ als buurtbemiddelaar – wij gaan overigens altijd als een buurtbemiddelingskoppel van man en vrouw op pad – is nog steeds erg boeiend. Het is goed dat ik af en toe even uit m’n eigen ‘ghetto’ gehaald word. Ik vind het ook behoorlijk spannend soms. Het is toch iets anders dan een Rijdende Rechter, die op een veilige afstand, gewapend met een camera komt kijken naar mensen en dingen die hij niet kent. Hij krijgt applaus, wordt ervoor betaald en eindigt altijd met “dit is mijn uitspraak en daar zult u het mee moeten doen”. Wij komen meestal ‘koud’ binnenvallen bij mensen.

Vanzelfsprekend mag ik niet teveel uitweiden hierover (vanwege de privacywetgeving), maar ik kan wel zeggen dat het veel voldoening geeft als mensen, die elkaar eerst bijna ‘dood wensen’ uiteindelijk handen schuddend en ‘huggend’ naar buiten lopen. Iemand vroeg me hoe ik dat voor elkaar had gekregen. Dat geheim kan ik wél verklappen. Op mijn spiekbriefje stonden de volgende (korte) zinnetjes:

Je bent …… (aangevuld met een bepaalde emotie/gevoel)

…… is belangrijk voor jou. (erkenning van de zorg/wens)

Je bedoeling was …… (reflectie)

Je hebt behoefte aan …… (‘wat iemand graag zou willen’)

Zo heb ik mij in deze – óók voor mij een beetje (‘business-wise’ lijkt iedereen al op vakantie) – ‘Komkommertijd’  toch nog nuttig weten te maken, waardoor enkele buren in hun wijk ongetwijfeld een betere zomerperiode tegemoet gaan.

Fijne vakantie allemaal!

“Wat van ver komt…”

Ze zeggen “wat van ver komt, is lekker”. Dit spreekwoord betekent dat men geneigd is om wat van ver komt als bijzonder aan te merken. Dat is waarschijnlijk ook de reden dat we tegenwoordig als gekken de hele wereld over vliegen. Er zijn volgens mij de afgelopen veertig jaar maar weinig dingen écht goedkoper geworden, maar vliegen is dat voor m’n gevoel wel.

Ondertussen klagen we steen en been dat ons eigen landje overspoeld wordt door rolkoffertoeristen, maar zelf kunnen we er ook wat van. Vroeger was het een statussymbool als je gebruind thuiskwam van vakantie, want dan was je ieder geval ‘rijk’ genoeg om een ticket te betalen naar zonnige oorden. Die tijden zijn wel veranderd. Als je dit jaar trouwens in Nederland bent gebleven, was dat ook net goed voor je huidje. De UV-straling van de zon blijkt nog nooit zo schadelijk te zijn geweest als hier de afgelopen maand, omdat er letterlijk géén wolkje aan de lucht was.

In ieder geval vliegen we tegenwoordig allemaal alsof het onze lust en leven is. Aan de andere kant maakt men ons steeds meer bewust van de enorme schadelijke effecten voor het milieu ervan. “Eén retourtje Amsterdam-New York is net zo schadelijk als het eten van duizend Big Macs.” volgens de Correspondent. Het zou dan ook een goede zaak zijn om ons milieuvervuilende gedrag te beperken of op z’n minst te compenseren.

Wij zijn daarom – da’s natuurlijk niet helemaal waar, of eigenlijk helemaal niet waar – deze zomer relatief dichtbij huis gebleven. Er is in ieder geval over nagedacht. Een mazzeltje daarbij was de zeldzame warme (en daarmee droge) zomer. Sinds we de temperaturen en dergelijke te meten en bijhouden (dat doen ze vanaf 1901) was zoiets nog bijna nooit voorgekomen. Het record uit 1976 dreigt verbroken te worden. Wat houden we toch van ranglijstjes! Het was in elk geval een on-Nederlands mooie zomer. We gaan nog vier ongewoon warme zomers tegemoet voorspellen de wetenschappers, althans als we de weerprofeet van de Volkskrant, meneer Drijfhout mogen geloven.

Ons als zuinige Hollanders kennende, zal er nu wel weer massaal het komende jaar een vakantie in eigen land geboekt worden. En ik durf te zeggen: “dat is sowieso de moeite waard”. Zo fietste ik in vier dagen 320 kilometer met m’n jongste dochter in lijn met het Pieterpad naar het noorden (gestart in Nijmegen) langs de meest schitterende (verlaten) plekjes. Plaatsen waar ik nog van had gehoord, laat staan dat ik er ooit was geweest. Ik waande me soms écht in het buitenland, al was het maar omdat sommige dialecten ook niet direct goed verstaanbaar waren. Of was dat niet de reden dat we per ongeluk in soort nudisten hotelletje terecht kwamen? We kwamen er in ieder geval achter dat Drenthe de fietsprovincie van Nederland is; waarschijnlijk door zichzelf zo benoemd, want ook Gelderland heeft diezelfde ambitie. Daar was het inderdaad ook mooi fietsen trouwens. Daarnaast is het al fietsend niet goed mogelijk om ‘mobiel’ te zijn, dus als vanzelf ontstonden er mooie gesprekken tussen vader en dochter. We zijn nu nog grotere ‘matties’.

En zoals ik m’n vorige blog al aankondigde, eindigden we in ‘t ol oude Groningen, de mooiste stad van ‘t noo-hoorden… Een bezoekje aan m’n oude studentenhuis en de sociëteit deden de ogen van m’n dochter wijd openstaan. Ze wil nu niets liever dan ook daar gaan studeren; heb het écht niet gepusht ofzo. Denk dat de populariteit van deze stad – vorig jaar verkozen tot de leukste studentenstad van Nederland – beter te verklaren is door de grote afstand tot menig ouderlijk huis (of zoals wij vroegen zeiden “thuis-thuis”). Ze zeggen niet voor niks: “Wat van ver komt…” Heb nu wel twee (van de drie) dochters, die niets liever willen dan in Groningen studeren. Moeten we ons zorgen maken?

Wellicht komt het door de ‘verplichte’ kampjes, waar we ze dit jaar naartoe hebben gestuurd. Wij zien dat als een belangrijke stap naar zelfstandigheid, maar dit wordt niet door onze kinderen niet altijd zo gezien. De twee weken Engelse Summerschool werd in beginsel een ‘strafkamp’ genoemd; uiteindelijk viel het toch mee, en was het zelfs een behoorlijk positief geluid te horen. Het ‘activiteitenkamp’ (met hoog ponygehalte) voor de jongste was een complete misser, maar gelukkig ontdekten we als alternatief op enkele kilometers van huis nog een hartstikke leuk zeilkamp. Dit hadden we nog nooit eerder gezien. Over dichtbij huis gesproken… De andere dochter was voor hetzelfde (zeilen) al voor het zoveelste jaar met veel plezier naar Fryslân afgereisd.

Al dit vertier voor de kinderen betekende wel dat we ergens deze zomer een weekje zonder kinderen – dat was lang geleden – konden bewegen. Ook wij ontdekte dichtbij een vertrouwde vakantiestek veel nieuwe dingen. Soms hoef je niet de hele wereld rond te reizen om verrast te worden door leuke lokale marktjes en musea van bijzondere aard. Wat het wel makkelijker maakt, is de vrijheid die je hebt als je met z’n tweeën kunt bewegen in plaats van met een heel harem in je gevolg. Kinderen blijken het zelf ook heerlijk te vinden om even zonder toezicht van hun ouders te zijn. Natuurlijk missen we elkaar op enig moment wel allemaal, maar de ‘gezinsapp’ biedt hier tegenwoordig uitkomst voor. Was overigens wel de eerste van ‘t gezin die wist hoe je zelf Gif’jes kunt maken en versturen (ja, ja, papa is géén digidino).

Voorzie nog wel wat mooie, uitdagende en dynamische jaren (gelukkig maar!) alvorens onze dametjes hun vleugels compleet zullen gaan uitslaan. Het was in vele opzichten een hete zomer. Denk overigens dat een zonnig klimaat heel bepalend is om dingen fijn of lekker te vinden, vandaar dat we normaliter als Hollanders graag warmere streken opzoeken. Misschien heeft die klimaatverandering dan toch één belangrijk voordeel, namelijk dat we niet meer zo ver weg hoeven…

Excelleren

De zomerperiode is altijd een mooi moment voor bezinning, terwijl we leven in een wereld, die iedere dag meer van ons lijkt te verlangen. Alles moet perfect zijn, of niet toch? We willen het beste zonder dat het andere mensen schaadt. Zijn we daar niet allemaal mee bezig, al dan niet bewust? Excelleren, dat willen we: erboven uitsteken, anderen overtreffen of ergens in uitblinken.

Zelf maak ik het bijvoorbeeld graag iedereen zoveel mogelijk naar de zin. Bijna dwangmatig… Het volgende feestje (ja, ja, volgend jaar 50) moet nog bijzonderder worden dan de vorige versies. Dat zal een uitdaging zijn, want m’n laatste ‘Brazilian Party’ op 13 juni tijdens de wedstrijd Nederland – Spanje (WK 2014) zullen velen zich nog wel herinneren, al was het maar vanwege de uitslag van de wedstrijd of dat ene doelpunt van Van Persie.

Ook Messi en Ronaldo wilden graag excelleren tijdens het recente WK voetbal. Het lukte ze even niet om op het juiste moment te pieken. Dat betekende dat we ruim vier weken moesten kijken naar een stel Engelsen (football is not coming home – hier geestige parodie), hard bikkelende Kroaten (met kusje van Vida), mooi voetballende Belgen (ik vond Hazard de beste van iedereen – hij zelf ook) en natuurlijk de arrogante Fransen (ze kunnen zelfs niet normaal feest vieren). Nu hunkeren we allemaal weer naar een mooi Oranje momentje. Dat zal waarschijnlijk heel wat jaartjes gaan duren als we ‘de Staat van Oranje’ (goede 4-delige documentaire over de crisis, waarin Nederlandse voetbal zich bevindt) mogen geloven.

Voor een wielerliefhebber – met name door het zelf beoefenen van de wielersport – zijn twee achtereenvolgende etappeoverwinningen van Dylan Groenwegen al redelijk uniek (nr 1 en nr 2). Raas en Zoetemelk waren de laatsten die dat presteerden. Je ziet ze nog zo voorbij komen in hun TI-Raleigh shirt. Over de ‘Posttrein’ is ook een mooie documentaire gemaakt. Nu hebben we gelukkig Dumoulin, die voorlopig ook in de Tour de France nog steeds z’n mannetje staat in het klassement. Wat ik denk over doping in de sport, heb ik hier al eerder beschreven.

Ik probeer op mijn manier ook mijzelf continu te overtreffen op de fiets met als enige hulpmiddel af en toe een Gin & Tonic. Mijn favoriete app Strava helpt me hierbij. Per segment (afgelegd stukje asfalt) kan je zien of je je eigen beste tijd hebt overtroffen. Dan scoor je een ‘PR’tje’ (persoonlijk record). Nog mooier is een KOM (‘King Of the Mountain’); dit betekent dat je de allersnelste ooit bent op een bepaald weggedeelte. Er bestaat zelfs een Strava KOM hunters club en sommige mensen raken er bezeten door. De begeerte om iedereen te willen overtreffen (op de fiets dus)…

Heb trouwens lang gedacht dat het bekende spreadsheet programma ‘Excel’ ook iets te maken had met excelleren. Dit nog steeds populaire programma bestaat in haar huidige vorm al sinds 1987. Jawel, precies mijn eindexamenjaar. Met recentelijk in m’n omgeving veel geslaagden examenkandidaten in m’n vriendenkring (kinderen van…) moest ik regelmatig weer even aan die ‘vrije’ periode denken. Het is ruim 30 jaar geleden, maar staat me goed voor de geest. Natuurlijk komt dit ook door de vergelijking die je zelf continu in je hoofd maakt tussen je eigen gedragingen toen en die van je kinderen (in dezelfde leeftijdsfase) nu. Het jezelf overtreffen (in alle opzichten) lijkt voor de jeugd van tegenwoordig steeds meer de leidraad van hun leven. Waar gaat dat naartoe?

Gebruik Excel trouwens nog altijd regelmatig, zowel zakelijk, maar soms ook privé. Voor het maken van een afrekeningetje voor een vriendentrip heb je gelukkig een hele handige & eenvoudige app tegenwoordig, maar voor het overzichtelijk houden van de vakantieplanning van m’n dochters kon ik toch echt wel een “excelletje” gebruiken.

Er bleven welgeteld precies tien gemeenschappelijke dagen voor het gezin over om met z’n vijven iets te doen. Het is duidelijk dat we met onze tienerdochters een nieuwe fase ingaan. Daar is niks mis mee. Kan er juist erg van genieten dat iedereen andere interesses heeft en daarmee een eigen weg inslaat. Dit alles biedt ook weer ruimte om 1 op 1 iets met één van je kinderen te doen. Jullie raden het al. Ik ga met m’n jongste een groot stuk van het Pieterpad fietsen om te eindigen in Groningen. De stad waar ik in de jaren negentig zo’n vier jaar heel erg genoten heb van m’n vrijheid. Excelleren en excessen liggen soms dicht bij elkaar. Dat is overigens niet echt veranderd. Alleen het woord ‘Vindicat’ is al voldoende om dit duidelijk te maken.

Misschien heb ik aan die tijd wel m’n eerder genoemde dwangmatigheid overgehouden om maar niks leuks te willen missen en ieder blij te maken. Heb ondertussen wel uitgevonden dat je dat alleen kunt bereiken door uit te blinken in vrijheid. Als je jezelf zoveel mogelijk flexibiliteit gunt, heb je de luxe om ‘last minute’ keuzes te kunnen maken. Dat betekent tegenwoordig dat je je agenda zoveel mogelijk vrij moet houden. Goede vrienden, die dit lezen, zullen nu wellicht even met hun ogen knipperen, maar ik probeer echt m’n agenda leeg te houden. Dus geen etentjes met vrienden maanden van tevoren inplannen, maar ‘hopen’ op een spontane date op ’t laatste moment. Je wilt immers toch altijd het liefste zijn op de plek die je zelf verkiest. Dus zo min mogelijk verplichte nummertjes, en liefst géén pijnlijke ‘afzeggingen’… Tot nu toe valt het reuze mee met m’n sociale isolement.

Tegenover deze vrijblijvendheid staat, dat als ik zelf een tripje ofzo regel (zeker voor een groter gezelschap), er altijd voor zal zorgen dat niemand iets zal missen van de ‘actie’. Heb zelfs de neiging (lees: hele sterke drang) om in andermans gezelschap een dwingende houding aan te nemen. Begrijpelijk wordt dit niet altijd op prijs gesteld en vaak ook geridiculiseerd. Een mens is nooit te oud om te leren (heerlijke dooddoener, maar wél waar).

Stel voor dat we gewoon allemaal excelleren in vrijheid. Iedereen mag zelf bepalen, hoe hij of zij invulling geeft aan ‘t leven. Lekker pûh!