Het Kerst(gedoe)verhaal

Het klassieke kerstverhaal is natuurlijk simpel. Het is hartje winter, Jozef helpt de hoogzwangere Maria op een ezel en ze gaan naar Betlehem. Terwijl de vliezen al gebroken zijn, weigeren daar alle herbergiers hen, maar ze vinden gelukkig ergens een stal, waar Maria die nacht nog bevalt.

Je kunt het ook de meest slecht georganiseerde bevalling ooit noemen. Ik zou er zelf niet mee weggekomen zijn. Je weet dat je ‘s-nachts aankomt, géén hotel of niks geregeld; daar heb je toch Booking.com voor. Kwamen er vervolgens nog wat wildvreemde bezoekers, drie Koningen, langs. Daar had ik ook niet mee moeten aankomen. Die passanten hadden daarbij ook nog eens ongevraagde cadeaus – goud, mirre en wierook – meegenomen, terwijl iedereen weet dat er na de bevalling gewoon een goed glas bubbels geschonken moet worden mét beschuit en muisjes. Dan was het met het bedenken van een naam waarschijnlijk ook beter gegaan. Nu zal Maria wel gezegd hebben, en hoe gaan we het kindje eigenlijk noemen? Zegt Josef: “Ja ik doe ook m’n best hoor, Tjezus Christus”. “Ja, dat vind ik wel een goede naam”, zal Maria fluisterend en rillend van de kou geantwoord hebben.

Tot zover het échte Kerstverhaal. Eigenlijk zijn Kerst én gedoe een onlosmakelijk koppel. Daar kan menig relatie nog aan tippen… De één kan ongebreideld genieten van dit koppel, terwijl de ander bij alleen al het idee in stress schiet. En tot ver in januari moet herstellen van deze jaarlijkse ramp. Kerst én gedoe gaan hand in hand door decemberland en verarmen of verwarmen menig familieband. Zelf ben ik – opgegroeid met alléén m’n moeder (beetje respect voor ons allebei!) in een kleine familie – niet echt groot geworden met ‘t zogeheten Kerstfeest. Ondertussen weet ik ook dat verplicht gedoe en gezelligheid eigenlijk niet goed samen gaan. Daarnaast hebben wij als gezin juist in de Kerstperiode een aantal droevige dingen meegemaakt in het verleden. Het overlijden van dierbaren vergeet een mens nooit.

In Nederland ziet de Kerst er traditioneel als volgt uit. De Eerste Kerstdag vier je met familie. Dat betekent voor véél mensen een uitdagend avondje met een schoonmoeder, zus of zwager waarmee je eigenlijk net niet zoveel hebt. Daarom hebben we waarschijnlijk bedacht dat we op Tweede Kerstdag met z’n allen (héél Nederland dus) iets leuks gaan doen en er op uit trekken. Dat betekent vaak urenlang in de file staan om ergens te komen, denk daarbij aan attractiepark of meubelboulevard. Dat laatste is eigenlijk ook een attractiepark. Het lijkt wel weer een beetje op het kuddegedrag als iedereen tegelijkertijd de berg opkruipt richting de skipistes.

Dat skiën of een mooie verre reizen maken, is ook wat wij met ‘t gezin het liefste doen in deze Kerstperiode. Tegenwoordig durf je zoiets bijna niet meer te zeggen. Reizen is natuurlijk verre van duurzaam. In ‘Ho ho ho’ schreef ik al over de ‘Groene Revolutie’ en in ‘Puur Natuur’ rekende ik al eens vóór hoe groot de CO2 uitstoot is bij al dit soort reisjes. Om te beginnen zou vliegen een stuk duurder moeten zijn, betoogde ik in ‘Zwanen’. Recent bekende ik ‘hardop’ mijn hypocrisie bij het schrijven over wat je denkt dat je bent of over wie je wilt zijn. Papier is geduldig. Het moeilijkste is om het uit te voeren. Het is dan ook niet verrassend dat de woorden ‘klimaatspijbelaar’, ‘vleeswroeging’, ‘klimaatdrammer’, ‘ecopopulisme’ en ‘bezorgschaamte’ in de shortlist staan om dit jaar te worden verkozen tot ‘Woord van het jaar’. ‘Vliegschaamte’ verloor trouwens bij deze verkiezing vorig jaar nipt van ‘Blokkeerfries’.

De excuses om ons ‘slechte’ gedrag goed te praten worden ook steeds vindingrijker. Hoor m’n vrienden bij de zoveelste vlucht tegenwoordig zeggen: “Maar ik maak alleen nog gebruik van lijnvluchten”. Onder het mom van ook zonder mij gaat ‘t vliegtuig toch de lucht in. Of zoals de organisatie van de Grand Prix Formule 1 van Zandvoort zegt: “bezoekers van de Grand Prix veroorzaken op dat moment elders geen uitstoot” en “we doen ter compensatie een paar races minder komend jaar”. Maar geloof me als ik zeg dat het beoogde racespektakel volgend jaar sowieso doorgaat. De bemoeienis van Prins Bernhard (junior) zal ervoor zorgen dat Verstappen in z’n Red Bull voor een uitzinnige menigte op Nederlandse bodem de strijd aan kan gaan met een handvol concurrenten van Mercedes en Ferrari. Want laten we eerlijk zijn, Verstappen is dit jaar als derde geëindigd in een kampioenschap, waaraan eigenlijk maar vijf man meedoen. Toch kijk ik graag op TV naar de races, al is het maar omdat één van mijn dochters helemaal fanaat is geworden. Kan bijna niet wachten op de documentaire die ‘as we speak’ gemaakt wordt over de realisatie van ‘The Dutch Grand Prix’, genaamd ‘De Zandvoort Formule’. Hierin worden een VVD wethouder, een boswachter en een GroenLinks raadslid gevolgd. Vooral die laatste schijnt interessant te zijn, want hij heeft vóór de Grand Prix gestemd, erg tegen de lijn van zijn eigen partij in, omdat hij hoopt dat het evenement geld naar Zandvoort brengt waarmee het verval van het dorp kan worden tegengegaan. Ik ben benieuwd hoe de zaken voor hem gaan uitpakken…

Zoals m’n trouwe bloglezers weten, ben ik een groot liefhebber van documentaires. Het recente Internationale Documentaire Festival in Amsterdam (IDFA) was dan ook weer een grote snoepwinkel. Als eerste zag ik “My Rembrandt”. Deze bijna spannende documentaire met allerlei verhaallijnen, waarin uiteraard de passie van Rembrandt-liefhebbers centraal staat, liet weer eens zien wat kunst allemaal met mensen kan doen. Dat zagen we ook vorige week toen een vastgetapete banaan aan een witte muur ‘viral’ ging. Moest meer lachen om de talloze geestige parodieën en inhakers, zoals die van de worst van de lokale slager. U heeft ze vast en zeker ook voorbij zien komen. Wat ik ervan vind? Lees nog even ‘Géén kunst‘.

En natuurlijk was er tijdens IDFA ook zwaardere kost. Zo zag ik de winnaar van de publieksprijs ‘For Sama’. Het is een hartverscheurende film over het oorlogsgeweld in Aleppo, gezien door de ogen van de 26-jarige Syrische burgerjournalist Waad al-Kataeb. Ze draagt de film op aan haar pasgeboren dochter, Sama. “Ik wil dat je begrijpt waarom je vader en ik deze keuzes hebben gemaakt, waarvoor we vochten.” En ik kan zeggen dat de gruwelijke beelden blijven hangen, maar vooral de moed van deze jonge mensen, die op de meest onmogelijke plek op aarde  – op dat moment – blijven strijden voor hun idealen. De film draait vanaf maart ook in de bioscoop. U bent gewaarschuwd. Er is niets feestelijks aan. Dan is het gedoe met Kerst allemaal ‘kinderspel’.

Overal is tegenwoordig gedoe. Je leest en hoort erover. ‘Gedoe op ‘t werk’ is voor iedereen herkenbaar toch? ‘Bij verandering hoort gedoe’, vraag het maar aan de Brexiteers. ‘Rekening houden met je buren voorkomt gedoe’, zeg ik regelmatig als buurtbemiddelaar. Het liefst willen we allemaal ‘goedkoop en géén gedoe’. En na deze Kerstperiode komt altijd weer die uitdaging ‘gezond zonder gedoe’.

Als je dat laatste héél rigoureus wilt aanpakken, dan kan je kijken naar documentaire ‘The Game Changers’. De nadruk ligt hierin op de beeldvorming rondom het eten van vlees en hoe vele atleten presteren middels een plantaardig dieet, waar die groep voorheen werd geassocieerd met vooral dierlijke proteïnen. En een topatleet willen we allemaal zijn, of in ieder geval het figuur ervan hebben. Dacht even dat we ons tot het ‘veganistengeloof’ gingen bekeren. Voor de mannen zeg ik alvast dat er interessant onderzoek over erecties in besproken wordt. Kunnen vrouwen overigens ook hun voordeel mee doen. Hoewel de documentaire zich volledig focust op sporters, laat het ook de impact van vleeseten zien op mensen, zoals jij en ik. Het heeft mij in ieder geval toch aan het denken gezet (lees: geïnspireerd) om als omnivoor bewuster en vaker direct te kiezen voor plantaardig voedsel, maar het hele leven moet nu ook weer géén ‘strafexpeditie’ worden.

Ik wens jullie allemaal dan ook weer een ‘Vrolijk Kerstfeest’ met of zonder al teveel gedoe!