De komeet

Een komeet is niet alleen een hemellichaam met een staart, maar ook iets om alles wat met ongelooflijke snelheid ons leven “binnenkomt” te omschrijven.

Zo las ik recent over de komeetachtige ontwikkeling van de jonge voetballer Matthijs de Ligt. Dit 19-jarige talent – Neerlands hoop in bange voetbaldagen – geboren in het rustieke Leiderdorp, waar ik zelf ook een belangrijk deel van mijn jeugd – de middelbare schooltijd- onbezorgd heb doorgemaakt, brengt dit jaar veel moois voor de voetballiefhebber. In het bijzonder natuurlijk voor alle Ajax-fans. Zo lijkt de naamswijziging van de Arena, die sinds dit seizoen eindelijk de naam draagt van de in maart 2016 overleden voetballegende, samen te gaan met de wederopstanding van het Nederlandse voetbal als je dit mag afmeten naar de prestaties in de Europese competities. Niet lang geleden schreef ik nog over de malheur op de velden.

Recent was ik zelf in deze Johan Cruyff Arena getuige van een wel heel makkelijk cadeau gekregen overwinning op Feyenoord. Naar aanleiding daarvan wil ik direct pleiten voor een nieuwe spelregel. De snelle rode kaart (na 5 minuten) voor een totaal zinloze overtreding – speelde zich ergens aan de zijlijn af, ver van waar ik zat, kon niet eens zien wat er gebeurde – van de Feyenoorder St. Juste verpestte met z’n onbesuisde actie het plezier van alle mensen die erg uitkeken naar deze enige echte klassieker, die het Nederlandse voetbal rijk is.

Zou dan ook direct willen voorstellen om bijvoorbeeld analoog aan de hockeyregels de mogelijkheid te creëren voor een scheidsrechter om een speler voor een bepaalde tijd (bijvoorbeeld 15 tot 30 minuten) uit het veld te sturen, zodat er nog steeds gedeeltelijk een echte wedstrijd overblijft na een rode kaart. Uiteraard dient de speler wel geschorst te worden voor de komende wedstrijden. De verlosser Johan was niet alleen befaamd om z’n taalgebruik, maar had ook invloed. Hij had zo’n wijziging in regels snel gedaan kunnen krijgen. Zo was hij er in 2005 bijna persoonlijk verantwoordelijk voor dat de belasting op schenkingen (tot dat moment 8%) geheel is vervallen. Dit heeft enorme impact gehad op de vrijgevigheid van mensen. En dat hebben we allemaal aan Johan te danken

Nu wil het geval dat mij afgelopen week de eer toeviel om als jurylid van de Ignite Award een tweetal mooie prijzen (lees: schenkingen) te mogen toekennen. Deze Ignite Award werd voor de vierde keer perfect georganiseerd door het Anton Jurgens Fonds. Wat maakt deze Award zo bijzonder? Het gaat letterlijk om het laten “ontvlammen” van sociaal ondernemerschap. Sociale ondernemers bedenken namelijk vaak hele innovatieve oplossingen voor maatschappelijke problemen. De energie waarmee zij aan de slag gaan om hier iets aan te doen is echt “aanstekelijk”.

Om nog maar even in de sfeer van verbranding te blijven. Ben zelf zijdelings betrokken bij een eerdere deelnemer aan de Ignite Award – overigens geen winnaar destijds – te weten de onderneming, Fair Coffins, die ecologisch uitvaartkisten (ja, doodgewone doodskisten dus) vervaardigd van hoogwaardig karton zonder gebruik van spaanplaat, allerlei verontreinigende lijmen en niet afbreekbare schroeven. De assemblage (zeg maar het vouwwerk) van deze compleet recyclebare kist wordt gedaan in een sociale werkplaats door mensen met een zekere afstand tot de arbeidsmarkt. Zo’n lichtgewicht, maar ook absoluut sterke kist, is ook arbo-technisch nog eens zeer verantwoord. Zo innovatief kan een “social enterprise” zijn. Dit moeten jullie deze keer niet als schaamteloze reclame zien, maar als waardering van mijn kant voor deze ondernemer. Koen, ga zo door! Netals alle andere sociale ondernemers, die met allerlei bijzondere initiatieven bezig zijn. Zij kunnen uw (belastingvrije) steun goed gebruiken.

Waar ik ongevraagd wel weer een beetje promotie voor wil maken, is de tweede serie van de documentaire Making a Murderer. Het waargebeurde verhaal heb ik hier al eens beschreven, maar het mysterie blijft. Mijn fascinatie voor dit soort onopgeloste zaken heb ik al eens eerder opgebiecht. Het gaat mij daarbij niet sec om de waarheidsvinding, maar juist om de onschuldpresumptie. Daar is m’n lijfspreuk weer: “Niks zo onwaarschijnlijk als de werkelijkheid.”

In deze zaak speelt er van alles. De betrouwbaarheid van bekentenissen (in hoge mate die van Brendan natuurlijk), getuigenverklaringen en op de achtergrond een miljoenenclaim van 36 miljoen dollar, die Steven Avery nog tegoed heeft van z’n vorige 18 jaar, die hij reeds onschuldig in de gevangenis heeft gezeten. Met zijn huidige levenslange gevangenisstraf is hij ook alweer 11 jaar onderweg.

Het is ook de alledaagse setting van Manitowoc County in Wisconsin (een relatief onbekende staat, waar ik zelf ooit ‘ns geweest ben) waar hele gewone mensen iets heel vreemds en macabers meemaken. Denk hierbij zeker ook aan de nabestaanden van het slachtoffer. Er loopt ergens namelijk wel een vreselijk gewelddadige moordenaar rond, maar ik denk niet dat het Steven Avery is. Natuurlijk realiseer ik mij dat het hier gaat om een commerciële Netflix documentaire, waarvan de makers proberen de kijkers aan het denken te zetten door op een hele spannend gefilmde en gemonteerde manier het verhaal te vertellen. De in deze tweede serie zeer prominent gepresenteerde nieuwe advocaat van de beklaagde Steven Avery, Kathleen Zellner, is overigens zeer gedreven om de waarheid boven tafel te krijgen en Avery als onschuldige uit het gevang. Dat heeft ze al menig keer voor elkaar gekregen bij andere (onterecht) veroordeelden. Haar treft niet voor niets wereldfaam.

Nu mijn beoogde nieuwe carrière als strafpleiter al vroeg in de dop gesmoord is – overigens was dat wel het begin voor mij als blogger – moet ik mijn portie speurwerk halen uit het “meekijken” in openbare dossiers, zoals deze. Boeiend is het om te zien hoe Zellner in deze fase na de veroordeling alsnog alles op alles zet om Avery vrij te krijgen. In de kleinste details zoekt zij de oplossing voor het mysterie, hoe Teresa Halbach precies om het leven is gekomen. Voor sommigen zal dit heel saai zijn, maar ik had géén enkele moeite met deze tien uur durende binge watch sessie. Het regende toch afgelopen weekend en van een paar uurtjes minder slaap is nog nooit iemand heengegaan. En ik moet zeggen dat ik na al die uren wel een grote “fan” van haar ben geworden. Volg Zellner nu ook op Twitter. Zo krijg ik m’n dagelijkse portie. Dat dit een “old school” medium is, realiseer ik me. Géén enkel kind zit nog op Twitter. Maar dat geldt bijna ook al voor Facebook onder jongeren. De grote uittocht daarvan is begonnen. Dat ik daar nooit op heb gezeten, hoef ik mij niet meer voor te schamen.

Ondertussen probeer ik zelf als een komeet de “mediationladder” te beklimmen. Dat is nog een hele uitdaging. Het valt me bij alle rollenspelen – met acteurs soms, dat is het leukste – nog steeds moeilijk om de goede balans te vinden tussen het houden van de regie en het geven van ruimte in de mediation. Misschien ben ik ook hier wel teveel gericht op de waarheid of de oplossing. Dat zal ik moeten leren loslaten.

Hoop daarmee binnenkort voor het eerst écht mee aan de slag te kunnen gaan. Na nog enkele trainingen start ik als vrijwillige buurtbemiddelaar hier in de gemeente. In bijna net zo’n alledaagse omgeving als die van “Making a Murderer” zal ik ongetwijfeld ook de meest vreemde zaken tegen het lijf lopen. Heb heel veel zin om snel wat vlieguren te gaan maken. Niet als een komeet, maar gewoon behoedzaam vliegend. Het zal zeker de nodige bijzondere verhalen opleveren.

Waarheidsvinding

“De waarheid vinden” klinkt een stuk eenvoudiger dan het is. In het licht van het strafprocesrecht is het belang van waarheidsvinding evident.

Om te beginnen zijn over de hele wereld de systemen in het strafrecht in te delen in twee “soorten”. Landen als Amerika en Engeland hebben “common law”. Hier wordt een accusatoir proces gevolgd waarbij partijen tegenover elkaar staan voor een rechter en/of jury. De rechter treedt in eerste instantie op als een soort scheidsrechter. Hiertegenover staat de “civil law” van bijvoorbeeld de landen in continentaal Europa. Deze landen kennen een inquisitoire procesvorming. De rechter speelt hierbij een actieve rol – op zoek naar de waarheid. In dit systeem wordt meer gebruik gemaakt van schriftelijke bewijsstukken, gebaseerd op uitgebreid vooronderzoek. De rol van de strafrechtadvocaat is in het accusatoir proces beduidend groter. In zo’n proces staat de botsing der meningen centraal. De verdediging en de aanklager proberen beiden de beslissende partij -in Amerika is dat de jury- van hun versie van de waarheid te overtuigen. Zo kunnen zij inspelen op de emoties van de jury.

Om verschillende redenen zijn allebei genoemde systemen feilbaar. Zo worden er in het accusatoir systeem -in Amerika dus- door advocaten vaak onrealistische aannames gemaakt om de jury te overtuigen. Er is altijd een relatie tussen gerechtigheid en waarheidsvinding. Hoe groter de rol van een jury, hoe groter de kans dat een dader wegkomt met zijn daad. De wijze waarop bewijs gewaardeerd wordt, kan sterk afhangen van de manier waarop het gepresenteerd wordt. Tenslotte hoeft de jury, die ook een beetje gezien kan worden als “blackbox”, geen verantwoording af te leggen voor hun beslissing. Een jury is niet bedoeld om te functioneren als waarheidsvinder en functioneert daarom ook niet als zodanig.

Ook in het inquisitoire systeem (zoals in Nederland) wordt erkend dat het zoeken naar substantieve waarheid -zeg maar de échte waarheid, in tegenstelling tot de procedurele waarheid-  z’n beperkingen kent. Het blijft vaak gissen naar feiten en het zoeken naar de waarheid is vaak niet het einddoel. Je bent ook niet verplicht om te getuigen tegen familie, dit heet het “verschoningsrecht”. Het interpreteren van de feiten kan in moeilijke gevallen op verschillende manieren. Je kunt namelijk beweren dat rechters een grote mate van discretie (lees: vrijheid) hebben om in de wirwar van al het juridische materiaal hun eigen interpretatiemethode te kiezen. Het mag helder zijn; rechterswerk is “mensenwerk” en er zullen dus altijd missers tussenzitten.

Aan de andere kant van de oceaan vinden we toch de meest “spraakmakende zaken”. Voor iedereen, die deze zomer even de tijd heeft, raad ik aan -voor zover niet al gezien- de “real life thriller serie” Making a Murderer op Netflix te bekijken. Dit is het verhaal van Steven Avery, een arme en “simpele” man uit een arm stukje in Amerika (Wisconsin), die in 1985 op toen 22-jarige leeftijd onterecht veroordeeld is voor verkrachting van een toen 36-jarige vrouw. Hij werd destijds schuldig bevonden en kreeg 32 jaar cel. Later werd een DNA analyse gedaan op een gevonden haar en bleek hij onschuldig te zijn (de echte dader werd gevonden op basis van dit DNA). Hij had inmiddels al wel onterecht 18 jaar in de gevangenis gezeten. Hij kwam vrij in 2003 en eiste een schadevergoeding van 36 miljoen dollar. Op 11 november 2005 werd hij vervolgens aangeklaagd voor de moord op een 25-jarige fotografe, Teresa Halbach, die op 31 oktober 2005 vermist werd nadat ze een afspraak had met Steven Avery bij zijn autosloperij. Nadat hij was opgepakt voor de moord op Teresa Halbach, gaf Avery direct aan dat hij vond dat hij erin geluisd was. Avery en zijn advocaten beweren dat het bewijs allemaal door de politie neergelegd kan zijn om hem erin te luizen, zodat de schadevergoeding niet betaald hoefde te worden en Avery levenslang in de gevangenis zou verdwijnen. Ondanks dit is hij op maart 2007 schuldig bevonden aan moord en illegaal wapenbezit en voor levenslang veroordeeld. Het verhaal loopt dan ook nog steeds door; een tweede deel van de serie is in de maak en zou nog dit jaar moeten uitkomen. Ik kan niet wachten.

Een andere documentaire “The Promise” laat ook een zaak zien, die meeslepend is. In de staat Virginia ontmoet in 1985 de slimme 18-jarige student Jens Soering uit Duitsland de iets oudere Elizabeth Haysom en valt als een blok voor haar. Een paar maanden later worden haar ouders, Nancy en Derek Haysom, op gruwelijke wijze vermoord. Jens en Elizabeth beschuldigen elkaar. Wat is de waarheid? In een twee keer 1,5 uur durende documentaire, die zo boeiend is dat je ‘m met gemak in één keer kijkt, wordt met veel archiefbeelden geprobeerd te achterhalen wat er precies is gebeurd. Helaas zijn deze uitzendingen (nu) niet meer online te bekijken, maar hier kan je in ieder geval alvast de trailer zien. Mocht “The Promise” nog een keer ergens voorbij komen, zal ik waarschuwen. Het is het schokkende relaas van een tot over z’n oren verliefde puber die op basis van flinterdun bewijs (onder andere een sokafdruk in bloed) levenslang wordt veroordeeld door de jury. Hoewel óók ik niet durf te zeggen wat er precies die avond in 1985 heeft plaatsgevonden, is het gemak waarmee wordt aangenomen dat hij het wél heeft gedaan behoorlijk twijfelachtig.

Ook de moeite waard is de recente documentaire (van een Nederlandse maker, Jessica Villerius). Deze documentaire gaat ook over een 18-jarige tiener in Amerika -in dit geval zeker géén al te slimme- die samen met een paar “gangleden” een avondje op stap gaat in de auto om wat drugs te halen. Hoe dit allemaal afloopt is gelukkig nog wel terug te kijken in “Deal met de dood”. Clinton Young is destijds ter dood veroordeeld en wacht nu al 16 jaar lang in zijn dodencel op zijn executie. Ik ben er in dit geval wel van overtuigd dat hij het niet gedaan heeft, hoewel hij absoluut géén lieverdje was. In deze zaak is destijds absoluut prutswerk geleverd door de toegewezen advocaten. Vanuit Nederland is er zelfs een stichting opgericht, die zich nog continu inzet voor deze jongen. Absoluut een zaak om aandachtig te blijven volgen, zeker ook vanwege het bijzondere speurwerk wat door de Nederlandse maakster is gedaan.

Tenslotte nog een paar tips voor het geval dat je zelf boeven wilt grijpen of op “boevenpad” gaat. In Nederland mag iedere gewone burger iemand aan houden in geval van een “heterdaadje”; voor een strafbaar feit, hoe klein ook. De gestolen spulletjes mogen zelfs ingenomen worden, maar wat echt niet mag is het onderzoeken aan lichaam of kleding. Dat is in bijzondere gevallen alleen toegestaan aan opsporingsambtenaren. Dat kan bijvoorbeeld zo zijn als iemand zijn identiteit niet wil geven. Verder is het zo dat als u aangehouden wordt voor een verkeerscontrole (bijvoorbeeld checken van het rijbewijs) en er wordt gevraagd of de politie even in uw achterbak mag kijken, dan hoeft u daar geen toestemming voor te geven. Het is natuurlijk wel verdacht, maar voor hetzelfde geld ligt uw hele kofferbak vol met blote barbies, die met hun kont aan elkaar vastgelijmd zijn…  Ik verzin het niet, je zult zo’n fetish maar hebben. Toch een beetje gênant en leg dat maar eens uit.

In het genre van aanhoudingen zijn er een aantal “standaard” arresten, die in elk studieboek terugkomen, zoals bijvoorbeeld de “Hollende Kleurling” (uit 1977!). De naam alleen al vertelt het complete verhaal bijna. De “Hollende Kleurling” die uit een drugscafé komt en tijdens de aanhouding continu zijn handen in zijn broekzak houdt. Hij weigert mee te werken. Uit zijn broekzak wordt later een wikkel met heroïne gevist. Omdat op dat moment nog onvoldoende reden was voor verdenking, had hij niet aangehouden mogen worden. Zie het als “etnische profilering” avant la lettre. Sinds kort is er een nieuw TV programma “De kleine lettertjes”, waar in quizvorm allerlei wet gerelateerde zaken besproken worden. In deze aflevering vind je (rond minuut 11:30) een leuke uitleg in Jip & Janneke taal van deze zaak.

Hoop niet dat er ooit een arrest de naam “De bloggende student” krijgt, maar het is wel een manier om geschiedenis te schrijven…