What time is it?

Toen ik in september 2016 ‘Back to school‘ ging had ik niet kunnen bevroeden dat dit zou leiden tot een carrière als blogger. Ik wil het overigens niet groter maken dan het is. Ik beleef er gewoon ontzettend veel plezier aan om een beetje te schrijven over wat ik doe en vind. Krijg vaak te horen “je schrijft wel leuk” of “allemaal zo herkenbaar”, maar ook “wat een lange verhalen” of “onnavolgbaar waar je naartoe wilt”… Heb er zelfs eens een professioneel schrijfster naar laten kijken, die ook niks anders kon concluderen als “behoorlijk van de hak op de tak”, maar da’s blijkbaar jouw schrijfstijl. Niks aan veranderen adviseerde zij.

Vandaag dus m’n vijftigste blog. Ik zou zeggen: onthoud dat getal! Voor degene die ze niet allemaal heeft gezien of gelezen (kan eigenlijk niet), volgt een kleine bloemlezing. Heb ondertussen een lezersschare van zo’n 250 tot 300, waarop ik best trots ben. Net als m’n kinderen hun instavolgers in de gaten houden, kan ik ook zien hoeveel mensen (niet precies ‘wie’ overigens; hier géén Facebook praktijken!) lezen en in welk land ze zich bevinden. Volgens mij is het vaak vakantievermaak als ik de tropische landen zie, waar m’n lezers zitten. Ik zie iemand voor me, die liggend in een hangmat, slurpend aan een mojito gniffelend m’n blog leest.

Hoewel ik altijd wel snel weet waarover ik het wil hebben, duurt het toch altijd even voordat het goed en wel op papier staat. Ik zit hiermee ondertussen helemaal in mijn ‘Comfortzone‘. Met die blog raakte ik blijkbaar veel mensen bleek uit de reakties. Ben niet de enige met het ‘midlife-ben op zoek naar iets anders-gevoel’. Misschien heeft het iets te maken met leeftijd? Zie inderdaad steeds vaker om mij heen dat leeftijdsgenoten de schroom van zich afwerpen en voor een totaal andere richting kiezen. Helaas zoekt men dit ‘andere’ ook af en toe in relaties. De vele scheidingen bewijzen dat de cijfers kloppen. Dat kan natuurlijk een ‘Kantelmomentje‘ zijn, of toch een typisch gevalletje van ‘Dwaling‘…

Dat ik na een jaar alweer stopte met m’n studie Rechten in een diepgaand moment van ‘Reflectie‘ was voor sommigen een grote teleurstelling. De droom, die zij met mij beleefden, spatte uiteen. Ik noemde het al ‘Zelfoverschatting‘ en inderdaad kon ik de druk van het presteren niet meer aan. En dan bedoel ik vooral het schoolse systeem en de intensieve studiemethodieken van tegenwoordig.

Toevallig kwamen er in die periode (zomer 2017) twee kerels op mijn pad, die al jaren op zeer succesvolle wijze enkele pasta restaurantjes runden. Ik durfde er zelfs in mijn blog ‘Schaamteloos‘ reclame voor te maken. Tot op de dag van vandaag heeft géén enkele haar op m’n hoofd – daar heb ik er gelukkig nog steeds genoeg van, ondanks diezelfde leeftijd – spijt van de beslissing om met deze ‘Spaghetteria-boys’ in zee te gaan. Wat ik tijdens m’n jaartje studie merkte, is dat het omgaan met (veel) jonge mensen jezelf ook jong houdt, en belangrijker misschien nog ook de connectie met m’n kinderen heeft versterkt. Hoewel de uitdaging om een drietal pubermeiden klaar te stomen voor de volgende (zelfstandige) fase er niet eenvoudiger op is geworden. In dat licht bezien helpt de mediationopleiding (‘Back to school again‘), die ik eind 2018 heb gevolgd en de daarbij opgedane vaardigheden wellicht meer. Ondertussen maak ik als buurtbemiddelaar in m’n eigen gemeente de eerste vlieguren. Daar leer ik al het nodige van. Zo kan ik ‘t thuis ook een beetje in goede banen leiden.

Verder is mijn fascinatie voor documentaires, met name die gebaseerd zijn op ‘True Crime’ ook niet verdwenen. ‘As we speak’ zit ik middenin de nieuwe 8-delige Netflix documentaire ‘The Disappearance of Madeleine McCann‘. Ik blijf nog steeds die ouders verdacht vinden. Niks zo onwaarschijnlijk als de ‘Werkelijkheid‘. Noem het gerust ‘Beroepsdeformatie‘…

Ook is er mijn besmetting met het ‘Virus‘ dat sport heet… Kijk zeker ook eens naar de documentaire ‘Drive to survive‘. Sorry weer op Netflix; je zou bijna denken dat ik er een belang in heb, maar dat is niet zo. Denk overigens nog steeds wat van beleggen te weten, of is het alleen maar ‘Kuddegedrag‘? Genoemde documentaire vertelt je over het leven achter de schermen in de Formule 1 en gelukkig niet alleen maar over Max Verstappen, die behoorlijk ‘Roekeloos‘ z’n rondjes rijdt. En in dit ongelooflijke Ajax-jaar zie ik terug hoe je moet ‘Excelleren‘…

Verder zal ik moeten bewijzen dat al mijn eigen sportieve inspanningen géén ‘Fabeltjes‘ blijken te zijn. De eeuwige strijd tegen het ouder worden en de daarbij behorende groei in omvang en gewicht. Dat wil ik niet. Hopelijk blijf ik fietsverslaafd, en daardoor enigszins fit. Er staat voor deze zomer in ieder geval weer een mooie fietstocht naar Hamburg gepland. ‘Parijs was toch niet zo ver‘…

M’n fans kunnen dus gerust zijn, ook als vijftiger (binnenkort!) blijf ik bloggen. Er komt een nieuwe fase aan met uitwonende en wellicht studerende kinderen, die wel of niet zullen aantonen dat wij als ouders de twintig daarvoor liggende jaren in staat zijn geweest om onze kinderen goed ‘voor te leven’. Als opvoeden zo makkelijk zou zijn, dan had ik wel dat woord gebruikt. ‘Wat van ver komt…‘ is lekker…

Ook zullen we hier in huis – als we straks met z’n tweeën zijn – gaan zien hoe  ‘de Tovenaar en de Profeet’ verder samen hun leven invulling geven. Wie zegt er: ‘Ho ho ho‘? We hebben ieder geval nog grootse plannen voor de toekomst; alles ‘Puur Natuurnatuurlijk. Wat de toekomst gaat bieden, blijft altijd spannend. Spaar géén geld, maar spaar mooie momenten…

Een ding staat snel te gebeuren. Ben geboren in het jaar 1969, net voordat Neil Armstrong als eerste mens een stap op de maan zette. Hij sprak toen hij vanuit de maanladder van de Apollo 11 afdaalde de volgende legendarische woorden:  “That’s one small step for man, one giant leap for mankind”. Voor zo meteen geldt: ‘What time is it? It’s Partytime!’

 

Zelfoverschatting

Toen ik met redelijk gemak, terwijl ik gemiddeld zo’n 2 tot 3 uur per dag aan m’n studie besteedde, de eerste tentamens haalde (over de cijfers heb ik eerder geschreven), dacht ik direct dat ik wel het tempo van de studie een beetje kon opvoeren. Ondertussen ben ik een illusie armer. Ik heb nu voor het eerst een tentamen niet gehaald. Een extra vak, twee tentamens op een dag… Typisch een geval van zelfoverschatting.

Naast de reguliere eerstejaars vakken ben ik in het vorige blok ook met derdejaars vakken begonnen. Hoewel ik nu al beduidend meer tijd aan m’n studie besteed dan ik ooit in het verleden op regelmatige basis in enige studie heb gestopt, heb ik mijn dagelijkse studie-inspanning opgevoerd naar zo’n 4 uur gemiddeld per dag. Dit is inclusief de verplichte contacturen (6 uur per week in de vorm van werkgroepen) en het online terugluisteren van alle gemiste hoorcolleges. Deze online-faciliteit is uitstekend geregeld. Interessante stukken kunnen in alle rust nog even teruggespoeld worden, maar nog vaker worden de minder boeiende delen met verhoogde snelheid (factor 2) afgeluisterd. Hoorde laatst overigens een docent zeggen dat de faculteit erover nadenkt om deze service weer op te heffen. Terug in de tijd lijkt mij. Je zou juist verwachten dat de -met talent voor het geven van aansprekende colleges – begenadigde docenten in de toekomst hun toedrachten in een inspirerende omgeving of zelfs studio zullen gaan opnemen. In Amerika is dit al gemeengoed. Hiermee kunnen professoren veel meer studenten over een periode van jaren boeien. Zo zijn de colleges van de Amerikaanse professor Michael Sandel echt de moeite waard, zie hier.

De werkgroepen zijn verplicht. In deze intensieve werkgroepen, zoals ze omschreven worden, is er plaats voor verdieping en verbreding. Zo’n groep bestaat tegenwoordig uit circa 25 studenten, dus je zou ook gewoon van een ‘klas’ kunnen spreken. De eerste blokken hadden we zelfs een (goeie!) klassenvertegenwoordiger. M’n kinderen zouden er zeker van ‘huiveren’ als ik ze dit vertel. Zij denken nu nog dat het door hun geaspireerde studentenleven er ééntje wordt van veel vrijheid. Ik kan ze uit de droom helpen. De tijden zijn echt veranderd. Het is een soort ‘hoge school’ geworden. Big Brother (in de vorm van Blackboard; zeg maar het magister voor studenten) is watching you. Continu deadlines voor het inleveren van je huiswerk. Soms het reviewen van het werk van je medestudenten. Het vermogen tot zelfwerkzaamheid van studenten wordt niet echt meer ontwikkeld. Je wordt simpelweg aan de hand meegenomen. Ieder moment van de dag is duidelijk wat er van je verwacht wordt.

Voor m’n gevoel ben ik op dit moment écht ‘full-time’ aan het studeren. Heb amper tijd voor m’n zakelijke beslommeringen. Ook dat leven gaat door. Stel je voor dat ik daarnaast -net als m’n studiematties- nog de partner van m’n leven zou moeten ‘vinden’, dan weet ik niet of ik daar wel voldoende tijd voor zou hebben. Wat een geluk dat ik toen al de vrouw van m’n leven heb gevonden. Deze week zijn we overigens precies 17 jaar ‘Happily Married’, de tijd vliegt…

Zoals gezegd sta ik weer even met beide benen op de grond. M’n ouwe studievrienden, waarvan een groot aantal rechten studeerde (overigens wel allen ‘netjes’ in zes jaar) hebben mij even hard uitgelachen. Word nu ook regelmatig ‘om de oren geslagen’ met m’n eigen uitspraak (ik studeerde zelf economie): “Het moeilijkste van je rechtenstudie is het halen van je VWO diploma…”

Zelfoverschatting is gelukkig iets, waar meer mensen last van hebben. We hadden tot voor kort een (voetbal-) bondscoach, genaamd Blind, die dacht dat-ie het allemaal wél goed zag. Niet dus. Wij denken nog steeds dat ons Oranje (bijna wereldkampioen) het beste team van de hele wereld en omstreken is. En ook een stel voetballers uit het Amsterdamse én fans van deze Godenzonen dachten na een paar steengoede wedstrijden (was er zelf bij) nog wel kampioen te worden. Niet dus.

Om dit alles te verwerken heb ik mijzelf deze week even onttrokken aan het studieregime. M’n kinderen hebben mei-vakantie en willen er ook wel eens op uit. Allemaal leuk en aardig dat studeren van papa, maar gezinsvakanties zijn heilig, zeker ook voor mij. Straks maar weer een weekje inhalen, voor studenten is het nog lang géén vakantie.

Komende week rep ik mij weer naar de Oudemanhuispoort; nu nog het episch centrum van Amsterdam én de Rechtenfaculteit. Helaas verhuist deze volgend jaar naar het Roeterseiland (in het ietwat rustieke Oost gelegen). Hoop daar slechts een paar jaar rond te hoeven lopen – mijn ambitieuze studieschema is nog ongewijzigd – of is dat wederom of beter gezegd nog steeds zelfoverschatting?